Bestuurder Wim van der Jagt verlaat na 19 jaar Dichterbij
"Ik ben trots op de omslag in de gehandicaptenzorg"
Wanneer hij katholiek was geweest, had hij het eind jaren tachtig gebracht tot de Raad van Bestuur van het Nijmeegse Radboudziekenhuis. Toen besloot hij in 1991 maar om algemeen directeur bij Maria Roepaan te worden. Het werden de mooiste jaren van zijn leven. ,,Ik had hier veel eerder moeten beginnen. Dit werk kun je niet doen zonder er persoonlijk door geraakt te worden. Dit heeft rechtstreeks met de kwaliteit van het leven te maken. Heel anders dan de taakgerichte zorg in bijvoorbeeld een verpleeghuis. Toen ik hier binnenkwam, werd ik door een bewoner op de trap welkom geheten met twee enorme klapzoenen. Waar elders vind je dat?”
Willem Arie van der Jagt (Den Haag, 1945) wordt eind deze maand 65. ,,Die discussie over verhoging van de pensioenleeftijd komt veel te laat. Ik had best nog even willen blijven”, zegt hij. Op donderdag 11 februari nam hij afscheid van Dichterbij tijdens een culturele ontmoetingsavond bij Fitland in Mill, waar Gerard van Maasakkers een optreden verzorgde.
Van der Jagt werd technisch opgeleid op de HTS, maar werd in militaire dienst apotheekbeheerder. Daar ontkiemde zijn belangstelling voor de medische wereld. Eerst verkocht hij een tijdje voor een handelsonderneming medische instrumenten, voordat hij op 35-jarige leeftijd hoofd medische dienst werd van het Diakonessenhuis in Leeuwarden. ,,Die directie daar had lef, want ik had bijna geen ervaring,” lacht hij nu. Hij bekwaamde zich met avondstudie in economie en sociologie en werd adjunct-directeur van het Academisch Ziekenhuis Nijmegen. Na vijf jaar volgde de zorg voor verstandelijk gehandicapten bij Maria Roepaan, waar hij een beroemde naam, maar functioneel een lege huls aantrof. Hoog tijd voor vernieuwing en Wim van der Jagt mocht zich uitleven. ,,Een fusie met de St.-Augustinusstichting lag voor de hand, maar die twee moesten niks van elkaar hebben. In Ottersum/Gennep hadden we 1.200 bedden, met cliënten uit het hele land. Deconcentratie luidde het motto, maar de goede zorg moest wel op peil blijven.” Een enorm karwei, waar directeur Van der Jagt zich met verve op stortte. Hij publiceerde vele artikelen over de beheersing van de gezondheidszorg en over o.a. de marktwerking in de gehandicaptenzorg, sprak op symposia over de innovatie van de zorg en de veranderingsprocessen en werkte aan een project, dat in Nederland zijn weerga niet kent: vanuit Ottersum, Gennep en Velp verhuisden 1.500 mensen met een verstandelijke handicap naar een gebied dat hemelsbreed ruwweg begrensd wordt door Venlo, Den Bosch, Eindhoven en Arnhem.
Fusies
In 1996 was de eerste fusie een feit: Maria Roepaan en Augustinus gingen op in de stichting Saamvliet. Drie jaar later volgden Wodagg in Uden en de Binckhof in Grave in de stichting Vizier, tot in 2006 De Wendel in Venlo zich aansloot en de Stichting Dichterbij geboren was. Van der Jagt evolueerde mee: van algemeen directeur werd hij lid van de Raad van Bestuur. ,,De cliënten woonden hier vroeger in een dorp op zichzelf. Ze werden liefdevol verzorgd, maar waren feitelijk ondergeschikt aan het systeem, dat het domein van de medewerkers was. Nu is het precies andersom, en zo hoort het ook. Vroeger kon ik als directeur overal binnen, met een moedersleutel. Nu moet ik eerst aanbellen. Want de cliënt heeft privacy gekregen en recht op een eigen leven. Ik ben er trots op, op die omslag.”
Dichterbij heeft 4.500 cliënten en 4.500 medewerkers. De in Cuijk woonachtige Van der Jagt is er 19 jaar bestuurder geweest. ,,Weet je, dit werk heeft iets van wat een boer me laatst zei: ‘Met dit werk ben je nooit klaar.’ En zo is het precies.”
