Het was het begin van zijn zoektocht naar manieren om pijn beter te herkennen. Nu geeft hij trainingen, werkt mee aan landelijke richtlijnen over pijn en laat in workshops zien wat ‘klein kijken’ betekent.
‘Klein kijken’ is stilstaan. Even écht observeren. Hoe zit iemand erbij? Wat valt op? Het kost vaak maar een paar minuten. Zelfs op een drukke dag kun je die tijd nemen. Dat kan het verschil maken tussen gissen en weten.”
Gedrag of pijn?
Soms lijkt iets ‘typisch gedrag’, maar het kan ook een signaal zijn van pijn. Iemand die zich terugtrekt, niet wil eten, zichzelf slaat of juist heel druk wordt, wil misschien wel laten merken dat er iets mis is.
Daan herinnert zich een doofblinde jongen die zichzelf op zijn hoofd begon te slaan. “In het begin dachten ze dat hij onderprikkeld was. Later bleek hij een ernstige oorontsteking te hebben. Na behandeling stopte het slaan.”
“Pijn is persoonlijk,” zegt Daan. “Je ziet niet altijd hoeveel pijn iemand heeft. Soms is het bijna onzichtbaar, doordat iemand zichzelf heeft aangeleerd om het niet te laten zien. Of iemand doet iets om met de pijn om te gaan. Daarom is goed kijken en observeren zo belangrijk.”
Het pijnsignaleringsplan
Een belangrijk hulpmiddel is het pijnsignaleringsplan. “Dat lijkt op een signaleringsplan voor gedrag, maar dan speciaal voor pijn,” legt Daan uit. “Samen met familie, begeleiders en anderen die de bewoner goed kennen, schrijf je op je welke signalen horen bij geen, lichte en ernstige pijn. Bij de één is dat stil worden, bij de ander juist roepen of druk doen. Door het op te schrijven, weet iedereen waar hij op kan letten en wanneer actie nodig is.”